De Natufiërs, een semisedentair volk, gebruikten ongeveer 13.000 jaar geleden een drank die veel gelijkenissen vertoont met bier bij begrafenisrituelen.

De site bevindt zich in de grot van Raqefet, ten zuiden van de havenstad Haifa. 'Ze begroeven er sommige van hun doden op een platform vol bloemen en planten, en maakten er een gealcoholiseerde drank die op soep leek', zegt professor Archeologie Dani Nadel. Volgens de archeoloog was het drankje wel iets totaal anders dan ons huidige bier. Er zat veel minder alcohol in, maar ze was wel gefermenteerd.

Overgang van levenswijze

De wetenschappers haalden drie kleine kroezen naar de oppervlakte. Twee dienden om graan in te bewaren, de derde om het te laten fermenteren. 'De plaats waar de kroezen zich bevonden, suggereert dat de productie van deze drank verbonden was met rituelen of andere vormen van sociale activiteiten', aldus Dani Nadel. De archeologen denken dat ze te maken hebben met 'de oudste getuigenis van de productie van om het even welke soort alcohol ter wereld'.

De Natufiërs zijn de schakel tussen het paleolithicum en het neolithicum. Het betekende de overgang van een levenswijze van jagers-verzamelaars naar die van landbouwers met een vaste woonplaats in de regio van het oosten van de Middellandse Zee. De aangetroffen sporen van bierbrouwen situeren zich duizenden jaren voor het begin van het cultiveren van granen in het Nabije Oosten.