Sociale labels

World Fair Trade Foundation (WFTO)

WFTO © GF

Lid worden van de World Fair Trade Organization kan pas als een bedrijf bewijs levert dat het hun tien fairtradeprincipes juist toepast. Een bedrijf moet kansen creëren voor wie het minder goed heeft, transparant zijn, eerlijk handel drijven, eerlijke lonen betalen en niemand dwingen om te werken - al zeker geen kinderen. Het moet ook gelijkheid, goede werkomstandigheden en capacity building garanderen, fairtrade promoten en respect tonen voor het milieu. Omdat deze sociale elementen overwegen, is WFTO eerder een sociaal label.

Fairtrade International

© gf

Het vroegere Max Havelaar zet zich in voor het certificeren van fairtradekatoen, waarvoor het de katoenboeren een eerlijke prijs en een premie wil geven.

Recent is Fairtrade International ook gestart met het certificeren van de volledige productieketen en richt het zich dus ook op confectie en op andere stoffen dan katoen. Controleorgaan Flo-Cert controleert die keten vooraleer een merk het Fairtrade-label kan krijgen.

Fair Wear Foundation (FWF)

© gf

Fair Wear Foundation is geen label, maar een multi-stakeholder initiatief, gecontroleerd door werkgevers, vakbonden en niet-gouvernementele organisaties. Het wordt wereldwijd gezien als een van de meest vooruitstrevende organisaties die zich inzetten voor het verbeteren van arbeidsomstandigheden in de mode.

Lid worden van de Fair Wear Foundation betekent volgens de Schone Klerencampagne een belangrijke indicatie dat een bedrijf werk maakt van het verbeteren van de werkomstandigheden in haar productieketen.

Het omvat een engagement en ondersteuningsplatform voor bedrijven die stapsgewijs willen werken aan eerlijke mode, met nadruk op een traject tot verbetering in de eigen productieketen.

Milieulabels

Global Organic Textile Standard (GOTS)

© gf

De Global Organic Textile Standard certificeert het proces dat katoen doorloopt, van grondstof tot biologische kleding. Om dit label te ontvangen, moet gegarandeerd worden dat 95 procent van de grondstoffen biologisch zijn. Het kijkt erop toe dat de bestrijdingsmiddelen niet giftig zijn, maar biologisch afbreekbaar.

GOTS spreekt zich ook in algemene termen uit over de arbeidsomstandigheden, maar niet over eerlijke prijzen, premies en lonen, en is daarom eerder een milieulabel dan een sociaal label. Controleorganen Soil Association en Ecocert controleren het proces vooraleer een merk het GOTS-label kan krijgen. Het is een erg betrouwbaar label.

Better Cotton Initiative

© gf

Omdat maar liefst 95 procent van al het katoen niet biologisch is, richt Better Cotton Initiative zich niet op biokatoen, maar wil de organisatie net die 95 procent minder schadelijk maken.

Biokatoen blijft dus beter, maar door Better Cotton Initiative zullen de 'gewone' boeren minder schadelijk katoen telen. Minder strikt dan biokatoen, maar toch een stap in de goede richting.

Oeko-Tex 100

© gf

Oeko-Tex Standaard 100 controleert of er geen schadelijke residuen in de stoffen zitten. Dit label kijkt dus naar het eindproduct en niet zozeer naar de manier waarop iets is geproduceerd en het effect hiervan op de makers.

De Oeko-Tex Standaard 1000, die later werd opgericht, kijkt wel of het hele productieproces al dan niet ecologisch is. Maar dat is een erg dure standaard die niet veel merken hanteren.

STeP (vroeger Oeko-Tex 1000)

© gf

Sustainable Textile Production (STeP) is een internationaal sociaal en milieu label van Oeko-Tex. Het duidt duurzame tapijten, vloerbekleding en textiel aan.

Het geeft aan dat de productie op een sociaal verantwoorde wijze gebeurt en dat de lokale milieuwetgeving wordt gevolgd. Het label wordt enkel gebruikt voor productiesites en is niet relevant voor de consument. Het is dus geen label dat je terug zal vinden in kledij, maar wel op de websites van bedrijven.

Recyclage

GRS (Global Recycled Standard) en RCS (Recycled Claim Standard) zijn labels die aanduiden of een product gerecycleerde stoffen bevat.

GRS controleert ook alle stappen in het proces en hecht veel belang aan de traceerbaarheid van de weg die een product heeft afgelegd. Het label geeft scores: Goud (95 tot 100 procent van het materiaal is gerecycleerd), zilver (70 tot 95 gerecycleerd materiaal) en brons (vanaf 30 procent).

© gf

Bij de RCS heb je een Recycled 100 (95 tot 100 procent van het materiaal is gerecycleerd) en een Recycled Blended label (5 tot 95 procent van het materiaal is gerecycleerd). Het spreekt voor zich dat vooral Recycled 100 indrukwekkend is. Ook Recycled Blended kan interessant zijn, als het aandeel gerecycleerd materiaal in een kledingstuk dichter aanleunt bij 95 procent dan bij 5 procent.

Rank a Brand

Ook online kan je nuttige informatie vinden over hoe duurzaam modemerken zijn. Rank a Brand is de grootste vergelijkingssite van Europa die merken evalueert op basis van hun hun transparantie. De site beoordeelt kleding, schoenen, voedingsmerken, reizen, telecom, elektronica, online bedrijven en energie. Kledij krijgt de meeste aandacht op de website omdat er nog heel wat werk aan de winkel is in deze sector. Samen met consumenten wil Rank a Brand merken mensvriendelijk, klimaatvriendelijk, milieuvriendelijk en diervriendelijk maken. De beoordelingswebsite geeft merken een score op basis van letters en een scoreformulier. Hoe beter de score (A is de hoogste score) hoe transparanter de merken communiceren over hun duurzaamheidsbeleid en hoe duurzamer ze zijn.

Project Just

Op de website van Project Just kan je merken vinden die duurzaam produceren. De oprichters geloven dat juiste informatie consumenten kan helpen om de mode-industrie te veranderen. Het is een platform waar zowel shoppers, merken als researchers terecht kunnen voor informatie en dialoog. Het platform werkt met een 'seal of approval' voor merken die volgens de onderzoekers duurzaam produceren. Je kunt zoeken op verschillende categorieën en merken. Voor ieder merk dat werd gecontroleerd geeft Project Just uitgebreide informatie over de inspanningen van dat merk: Heeft het ecologische en/of sociale keurmerken? Hoe transparant communiceert het merk? Welke beloftes maakt het merk? Welke innovaties heeft het in de pijplijn zitten? Hoe zit het met de inkomsten? Geeft het merk terug aan de gemeenschap? Etc.